Misdrijf

Onder dit misdrijf (art. 275-282 Sw.) wordt verstaan:


Het openbaar gezag

Hieronder vallen personen die deel van het gezag uitoefenen door delegatie vanwege de overheid

Voorbeeld: politieambtenaren (die bvb het verkeer aan het regelen zijn), douaneambtenaren, boswachters etc.


De openbare macht

Hieronder vallen personen die de opdracht hebben om met dwingende acties de eerbied voor de wetten en bevelen van de administratieve en rechtelijke overheid te verzekeren, ofwel door die acties te bevelen, of door ze zelf te ondernemen.

Voorbeeld: militairen, politieambtenaren (die bvb. aan ordehandhaving moeten doen bij een betoging die uit de hand loopt) etc.


Smaad

Smaad kan gebeuren door daden, woorden, gebaren of bedreigingen, maar niet via geschrift.

Er moet een bijzonder opzet aanwezig zijn: de bedoeling moet aanwezig zijn om de persoon in kwestie schade toe te brengen door hem in zijn eer te krenken of belachelijk te maken.

De smaad dient niet op een openbare plaats te gebeuren.

Voorbeeld : smaad aan of tegen de politie


De gestelde lichamen

Onder de gestelde lichamen worden de door de wet aangestelde overheden, besturen, instanties zoals de Koning, de senaat, de kamer, het grondwettelijk hof, een buitenlandse ambassade etc. begrepen.

Smaad tegen de gestelde lichamen wordt op dezelfde manier gestraft als smaad tegen de leden ervan.


Geweld

Slagen aan ambtenaren of gezagsdragers in de uitoefening van hun functie worden zwaarder bestraft naargelang van:

  • de belangrijkheid van de functie: slagen aan een Minister wordt zwaarder gestraft dan slagen aan een ambtenaar
  • de gevolgen van de slagen: bloedstorting, verwonding of ziekte, een ongeneeslijk lijkende ziekte, verminking, de dood


Gezworenen of getuigen

Deze straffen zijn ook van toepassing bij smaad of slagen aan gezworenen of getuigen naar aanleiding van hun bediening of getuigenis.